Begrippen krijgen twee kolommen.
Elk begrip uit één keer uitgelegd: wat de ondernemer denkt, en wat de accountant bedoelt. Zodat het vakjargon z'n logica teruggeeft.
De kloof tussen ondernemer en accountant is niet dat het vak moeilijk ís — het is dat het te vaak te omslachtig wordt uitgelegd. Begrippen vertaalt terug: elk woord dat je op je jaarrekening tegenkomt, in gewone taal, met de logica erachter. Geen college, geen advies — gewoon: dit is wat het betekent, en dit is waarom je accountant het zo zegt.
- N° 004
Investeren vs. kosten
wordt verward met: een uitgave
Geld eruit is nog geen kostenpost: een investering drukt je winst niet in één keer, maar beetje bij beetje.
- N° 001
Afschrijving
wordt verward met: sparen voor iets nieuws
Afschrijven is de kosten van iets dat je koopt en langer dan een jaar gebruikt, verdelen over de jaren dat je het gebruikt — niet: het is niets meer waard.
- N° 003
Voorziening
wordt verward met: een reservering
Een voorziening is geen potje met geld, maar een erkende toekomstige rekening die je vast in dit jaar meetelt.
- N° 002
Onderhanden werk
wordt verward met: voorraad
Werk dat je al hebt gedaan maar nog niet (volledig) hebt gefactureerd, telt al mee als deels verdiende winst — of er nu een factuur uit is of niet.
- N° 005
Objectiviteit
wordt verward met: onafhankelijkheid
Objectief betekent niet "op afstand", maar "niet ongepast beïnvloed" — en dat geldt voor élke accountant, ook als hij niks controleert.
- N° 006
Onafhankelijkheid
wordt verward met: objectiviteit
Onafhankelijkheid is geen houding maar een apart, zwaarder regime dat pas gaat gelden zodra een accountant controleert — en dan echte afstand vraagt.
Voor jóuw cijfers
Benieuwd hoe deze begrippen in jóuw jaarrekening staan?